Wat zijn de belangrijkste zaken die uit de enquête geconcludeerd kunnen worden?
De twee belangrijkste functies van een WWW-service voor
bedrijven en instellingen zijn het aanbieden van informatie over geboden diensten en
produkten en het verwerven van nieuwe klanten (dit laatste geldt vooral voor bedrijven,
en in mindere mate voor instellingen). Dit weerspiegelt zich ook in de
services die men op dit moment aanbiedt op het Internet: iets meer dan de helft van
de bedrijven en instellingen (59%) biedt op dit moment alleen maar een WWW-service
aan.
Er blijkt een opvallend verschil te zitten tussen de doelen die men
met zijn WWW-service heeft, en dat wat men er in de
praktijk mee doet. Als belangrijkste doelen geeft men het bieden van extra
service/diensten (50%) en het verstrekken van informatie (41%) aan. Het
verwerven van nieuwe klanten en het maken van reclame/meer bekendheid geven aan de
organisatie, belanden op een 3e en 4e plaats (genoemd in resp. 36% en 27% van de
antwoorden). Wanneer we kijken wat in de praktijk de functie van de WWW-service is, dan
blijkt deze rangorde bijna omgedraaid te zijn: het bieden van extra service belandt daar
op 4e plaats, het verstrekken van niet op de organisatie betrekking hebbende, algemene
informatie verschuift van de 2e naar de 5e plaats, terwijl het meer bekendheid gevan aan
produkten en diensten van de organisatie van de 4e naar de 1e plaats stijgt.
Een mogelijke verklaring voor deze verschillen is dat de nagestreefde doelen in de
praktijk niet zo eenvoudig (of in ieder geval niet zo snel) realiseerbaar bleken, en dat
(met name) bedrijven zich in eerste instantie beperkt hebben tot het bieden van
bedrijfsinformatie en het werven van nieuwe klanten (met name voor bedrijven is dit toch
een van de onderliggende doelen waarom men überhaupt een WWW-service opgezet heeft).
De meeste deelnemers aan de enquête zijn gemiddeld ook nog maar
een paar maanden actief, en met name het bieden van
zinnige/interessante algemene informatie, maar ook het 'in de vingers' krijgen van het
WWW/Internet kost natuurlijk tijd.
Hoewel, zoals gezegd, de meesten pas een half jaar (of iets langer) op het WWW actief
zijn, is deze eerste kennismaking blijkbaar niet tegengevallen: 68% van de bedrijven en
instellingen overweegt om in de toekomst nog verdere diensten op het
Internet aan te gaan bieden (of weet dat zelfs al zeker). In de helft (49%) van de
gevallen 'beperken' deze uitbreidingen zich echter tot
een uitbreiding van de WWW-service.
De (commerciële) mogelijkheden die het biedt en het opdoen van ervaring ermee, zijn
de twee voornaamste redenen voor bedrijven en instellingen om actief
te worden op het Internet. Als derde reden wordt de doelgroep genoemd die bereikt kan
worden. De doelgroep waarop WWW-services zich op dit moment
voornamelijk richten zijn zakelijke gebruikers, c.q. het bedrijfsleven (genoemd door
59%). Particuliere gebruikers worden als tweede genoemd (door slechts 27%). Dit
strookt niet helemaal met het beleid van het ministerie van Economische Zaken, dat
uitgezet wordt in het 'Plan van Aanpak Elektronische
Snelwegen'. Hoewel dit plan niet alleen maar betrekking heeft op het Internet, gaat
het er desondanks vanuit dat bedrijven massaal diensten
aan particuliere gebruikers aan gaan bieden. Bedrijven
richten zich over het algemeen echter liever op de zakelijke gebruiker, omdat deze
vanwege zijn grote(re) uitgaven als klant nu eenmaal een stuk interessanter is. Het is
dus voor EZ te hopen dat de uitbreidingen van de WWW-service die 68% in zijn antwoorden
noemt, in ieder geval voor een deel besteed zal worden aan dienstverlening aan
particuliere gebruikers. Een zekere hoop daarop is er wel: een deel v.d. bedrijven geeft
aan dat men verwacht dat (men) hun doelgroep zal gaan veranderen wanneer er massaal
gebruik gemaakt gaat worden van Internet.
Liefst 67% van de bedrijven en instellingen heeft per maand 2500 hits of minder op zijn
WWW-service. De verwachting is dat men, gezien de (relatief) 'geringe' drukte, dan
ook veelal kiest voor het extern huren van de benodigde
hardware. Het blijkt echter dat 50% van de bedrijven toch de hardware
zelf koopt, met als een van de belangrijkste argumenten de
verwachte grootte van de service. Een aannemelijke verklaring voor deze schijnbare
tegenspraak is dat men van tevoren nooit precies kan inschatten hoe vaak een WWW-service
bezocht zal gaan worden. Bovendien kan een (klein) bedrijf al heel tevreden zijn wanneer
het `slechts' 2000 hits per maand haalt (en derhalve de hogere kosten die horen bij het
zelf aanschaffen v.d. hardware voor lief nemen).
Uit een nadere bestudering van de opgegeven aantallen hits per maand blijkt ook dat er
een sterk verband is tussen de (al dan niet relatieve) hoogte ervan en het feit of men
hardware huurt of zelf koopt. Ook zijn er een aantal bedrijven die niet alleen het aantal
hits per maand, maar ook de beheersbaarheid van de service belangrijk vinden (een goede
reden om de hardware te kopen i.p.v. te huren).
Een belangrijk voordeel van `adverteren' (in ruime zin) via het WWW, zo wordt vaak
gezegd, is het feit dat men (veel) informatie over en van de klant
binnenkrijgt. Uit de enquête-antwoorden blijkt echter dat daar slechts in circa
25% v.d. gevallen ook concreet gebruik van gemaakt wordt (veel bedrijven krijgen wel de
informatie, maar doen er verder niet zoveel mee). Vijf bedrijven maken helemaal geen
gebruik van informatie die men via de WWW-service binnen krijgt.
Een aantal grote softwarebedrijven, waaronder Silicon Graphics ziet een grote
markt in bedrijfsmatige (interne) toepassingen van het Internet (zoals EDI en telewerken).
Vooral bedrijven in de transport- en industrie-sector maken veel
gebruik van deze technieken, en dan met name EDI.
Op dit moment maakt 32% van de ondervraagden gebruik van het Internet
voor bedrijfsinterne toepassingen (voornamelijk telewerken). Nog eens 14% overweegt
(sterk) om dat in de nabije toekomst te gaan doen. Deze cijfers vallen dus wat laag uit,
waarschijnlijk omdat er niet tot nauwelijks bedrijven uit de twee eerder genoemde
sectoren meegedaan hebben.
In het plan van aanpak van EZ ligt de nadruk, wat betreft het dienstenaanbod, vrij sterk
op multi-mediale services. Als geschikt medium hiervoor valt het
Internet wat betreft 81% van de ondervraagden de komende jaren echter af. Niet alleen
heeft de gewone gebruiker onvoldoende de beschikking over de daarvoor benodigde hardware,
ook neemt het aantal gebruikers van het Internet veel sneller toe dan de capaciteit
(bandbreedte) van het Internet.
Als vluchtstroken voor de Elektronische Snelweg worden door de ondervraagden
ISDN-verbindingen en de kabel gesuggereerd.